Tips als je wel laat vaccineren

kritieke-dagen-schemaOp deze website is het al heel wat keren gegaan over vaccineren. Alle blogs over dat thema zijn uiteraard terug te lezen. Deze week volgen er nog 2 blogs over dit thema. Morgen een lijst met tips voor als je je kind níét laat vaccineren. Vandaag een lange blog met praktische tips voor als je je kind wél laat vaccineren: welke aandachtspunten zijn er dan? Waar moet je rekening mee houden? Waar kun je op letten?

Kritieke dagen
Wanneer je je kindje laat vaccineren, let je in de eerste uren na de prik vaak goed op hoe je kindje reageert. Maar een veel onbekender feit, is dat een lichaam bepaalde fases heeft in haar reactie op een vaccin. Uit onderzoek is gebleken wat deze fasen zijn, en is een kritieke dagen schema opgesteld. Zo vertoont het lichaam van je kindje op dag 1-2 na de prik acute stress, op dag 5-6 een lichte na-reactie, en op dag 15-16 is er een sterke daling in de weerstand.

Een aantal tips rond de kritieke dagen:

  • Houd het kritieke dagen schema erbij, en houd je kindje rond deze kritieke momenten goed in de gaten; geef eventueel extra vitaminen.
  • Las rustdagen in op de dagen dat de weerstand van je kindje verzwakt is.
  • Laat ná de 1e prik minstens 2 maanden de tijd vóór de volgende prik. (Er is zelfs nog een ‘kritieke dag’ op dag 47 na de prik, bijna 7 weken later dus. Geef je kindje dus voldoende hersteltijd.) Laat daarna telkens minstens 1 maand er tussen.

Je eigen tijd en hoeveelheid
Ga niet klakkeloos mee in het standaard vaccinatieschema. Kijk hier kritisch naar, en maak je eigen keuzes. Niet het consultatiebureau, maar jíj bent verantwoordelijk.

  • Overweeg om later te starten, wanneer je kindje minstens 18 maanden oud is. Het immuunsysteem heeft dan rustig de tijd gehad om te rijpen. En bijkomend voordeel is dat er minder vaccins nodig zijn. Bovendien ken je je kindje beter wanneer het wat ouder is, en kun je mogelijke bijwerkingen beter ontdekken.
  • Wees selectief: vind je alle vaccins echt nodig, of laat je er liever een aantal weg?
    • Na het 2e jaar is Hib niet meer nodig.
    • Na het 2e jaar is Pneu niet meer nodig.
    • Kleine baby’s zijn geen risicio-groep voor Hep-B; dit vaccin kan neurologische bijwerkingen hebben bij baby’s. Overweeg dus om deze later te geven.
    • DTP geeft minder bijwerkingen dan DKTP. Overweeg het kinkhoest-vaccin eruit te laten, dit is trouwens ook één van de minst effectieve vaccins.
    • Geef BMR eventueel pas op latere leeftijd, wanneer je kindje deze ziektes niet via de natuurlijke weg heeft gekregen. (Deze ziektes zijn doorgaans pas echt problematisch op oudere leeftijd (tiener/volwassen).
  • Geef nooit (maar dan ook echt NOOIT!) een vaccin als je kindje ziek is. Zelfs al is je kindje maar een beetje verkouden, stel de vaccinatie uit! (Ook al zeggen ze op het consultatiebureau dat het wel kan.) Het immuunsysteem van je kindje is dan namelijk al hard aan het werk tegen het virus/de bacterie, en de kans op nare bijwerkingen wordt groter. Geef je kindje eerst de tijd om in goede conditie te zijn.

Kritisch op wat aangeboden wordt
Kijk kritisch naar de aangeboden vaccins in het standaard vaccinatieprogramma.

  • Geef altijd zo veel mogelijk losse vaccins. In het standaard vaccinatie-programma worden veel virussen tegelijkertijd ingebracht. Ofwel in cocktails (meerdere virussen in 1 vaccin), ofwel via een combinatie van meerdere prikken tegelijkertijd.  Dit is uiteraard enorm belastend voor je kindje. Geef daarom altijd sowieso maar 1 prik tegelijkertijd. Bevat een vaccin meerdere virussen, overweeg dan om losse vaccins (met maar 1 virus) aan te schaffen via de apotheek of via de huisarts bij de International Pharmacy.
  • Herhaal nooit een vaccin wat een extreme lichamelijke reactie of terugval in de ontwikkeling tot gevolg had.
  • Check áltijd, voordat het vaccin in de huid van je kindje gaat, of de cb-arts of verpleegkundige het juiste vaccin heeft gepakt. Je wilt liever niet doorgaan voor zeurderige vader of moeder, ik begrijp het helemaal, maar het gaat wél om je kind. (En ja, helaas heb ik in mijn directe omgeving meegemaakt dat dit niet goed ging.)
  • Vraag altijd de bijsluiter van het vaccin, en noteer de datum van fabricage, merknaam, en productienummer van het vaccin. Zo kun je later terugvinden welk vaccin je kindje precies heeft gekregen. (Het gebeurt een enkele keer dat een partij vaccins teruggeroepen wordt, bijvoorbeeld vanwege fouten in het productieproces.)

Overweeg alternatieven
Wanneer je daar geen moeite mee hebt, zijn er homeopathische alternatieven. Dit kan op verschillende manieren.

  • Je kunt overwegen om 2 dagen voorafgaand aan de vaccinatie een homeopathische verdunning te geven van het vaccin. De kans op nare bijwerkingen is dan kleiner.
  • Heeft je kindje wél nare bijwerkingen, dan is een homeopathische ontstoring een mogelijkheid. (Dit kan ook nog langere tijd na het toedienen van het vaccin.)
  • Je kunt ook kiezen voor een compleet homeopathische variant op het vaccinatie-programma. Het gaat dan om homeopathische profylaxe. (Ik heb me hier zelf nog niet uitgebreid in verdiept, dus veel meer inzicht kan ik hier nog niet over geven.)

Extra’s
Tot slot nog de extra’s waar je aandacht aan kunt geven.

  • Geef je kindje extra vitamine C rondom de periode van vaccineren. Dit versterkt het immuunsysteem, en dat kan je kindje wel gebruiken.
  • Zorg voor voldoende rust voor je kindje, met name rond de kritieke dagen.
  • Als je borstvoeding geeft: laat je kindje lekker bij je drinken. Dit troost, geeft veiligheid, én is goed voor de weerstand van je kindje.

Leave a Reply